|
|
|
Wat doet u bij logopedie? Zo luidde de eerste vraag van het interview. Praten, praten en nog eens praten. Eigenlijk praten wij over het praten. Over de techniek van het praten en de inhoud van het praten. Om met het laatste te beginnen: de inhoud. Ik denk dat bij iemand die aan welke chronische ziekte dan ook lijdt, het van groot belang is dat hij daarover met een professional kan praten. Je wilt niet iedereen lastig vallen met je eigen aandoening en de daaruit voortvloeiende problemen. Maar bij een therapeut kom je om over je aandoening te praten. En als het consult goed verloopt sta je na een half uurtje met slechts de helft van je ellende weer op de stoep. Want gedeelde smart is halve smart! Coördinatie van de deeltechnieken (houding van de mond, trilling van de stembanden, techniek van de ademhaling) ervaar ik zelf als het belangrijkst in het logopedieconsult. Het beheersen van de deeltechnieken is natuurlijk een noodzakelijke, zij het niet voldoende voorwaarde, om de coördinatie te kunnen verbeteren. Als u degene die
u aanspreekt, significant vaker (zeer) vaag ziet kijken, of u denkt van zaten we
wel in dezelfde kamer toen ik dat vertelde, is de tijd aangebroken het werk van
de logopedie als nuttig te bestempelen voor de communicatie van de
parkinsonpatient met zijn omgeving. Ik denk dat bij
elke therapievorm het bovenstaande verhaal van toepassing is. Voor logopedie zou
je de oefentherapie mensendieck kunnen invullen waarbij het gesprek over aard en
ervaring van de chronische ziekte gelijk is. Bij de oefentherapeut is de technische deskundigheid het voorkomen van het inslijpen van een verkeerd bewegingspatroon het belangrijkst. Het is goed dat er iemand is, die voortdurend kijkt naar de manier waarop je beweegt en die je zonodig leert, de kwaliteit van het bewegen te optimaliseren.
|
|
Copyright © 2007 Parkinson Patienten Vereniging i.s.m. Hogeschool van Amsterdam
|