Voorbeelden WIA

 

Start
Werken
Wetgeving
Hulpmiddelen
Hulpverleners
Stress
Werkgever
Links
Veelgestelde vragen
Zoeken
Sitemap
Contact
Disclaimer

 

Voorbeeld 1

Mevrouw Kelk is directeur van een basisschool. Zij verdient daarmee € 40 bruto per uur. Na een auto-ongeval kan ze haar werk niet meer doen. Na twee jaar wordt ze gekeurd voor de WIA. Haar oude werk kan ze niet meer doen, maar ze kan nog wel halve dagen eenvoudig administratief werk doen. Daarmee kan ze nog € 7,50 bruto per uur verdienen. Ze is dan voor 81% arbeidsongeschikt: (40-7,50) : 40 x 100 = 81%.
Omdat er ook geen uitzicht is op verbetering van haar medische situatie, heeft mevrouw Kelk recht op een IVA-uitkering.
Zou er nog wel kans op herstel zijn geweest, dan had mevrouw Kelk geen IVA-, maar een WGA-uitkering gekregen. Zou zij meer dan € 8 per uur kunnen verdienen, dan was zij gedeeltelijk arbeidsongeschikt geweest en had zij eveneens recht gehad op een WGA-uitkering. (bron www.kennisring.nl

Voorbeeld 2

Mevrouw Kelk is directeur van een basisschool. Zij verdient daarmee € 40 bruto per uur. Na een auto-ongeval kan ze haar werk niet meer doen. Na twee jaar wordt ze gekeurd voor de WIA. Haar oude werk kan ze niet meer doen, maar ze kan nog wel als beleidsmedewerker aan de slag. Daarmee kan ze nog € 24 bruto per uur verdienen. Ze is dan voor 40% arbeidsongeschikt: (40-24) : 40 x 100 = 40%.
Mevrouw Kelk heeft recht op een WGA-uitkering

 

Voorbeeld 3

De heer Hertog heeft recht op een loongerelateerde WGA-uitkering. Zijn maandloon voor de WGA is vastgesteld op € 2500 bruto per maand. Hij verdient nog € 1100 bruto per maand. De WGA-uitkering bedraagt (2500 - 1100) x 70% = € 980 per maand. Het totaal aan inkomsten en uitkering bedraagt € 980 + € 1100 = € 2080.
Heeft de heer Hertog wisselende inkomsten, dan is het maandbedrag telkens anders. Heeft hij helemaal geen inkomsten, dan krijgt hij 70% van € 2500 = € 1750.

 

 

Copyright © 2007 Parkinson Patienten Vereniging i.s.m. Hogeschool van Amsterdam